Koreaans tuinieren

De Adelaar Hapkido Korea Wandelstok Kihap Het kleine kneepje Koreaans tuinieren De pen Chopsticks Lage schoppen sonh sal sin da Wijsheden Hapkido voor de sterren Kung Sool krijgskunsten Interview Jung Bong Band knopen Lange stok Kumdo Po Bak Sul Oogcontact en de krijgskunsten Verdediging tegen een zak over het hoofd Op de oren klappen

                            Koreaans tuinieren, de goden zij geprezen

De essentie van het Koreaanse tuinieren is het natuurlijke landschap met heuvels, beekjes en velden. Het landschap wordt niet op een afstand gehouden door muren of andere grenzen. Pittoreske muren zijn zodanig vormgegeven, dat bomen er overheen kunnen 'kijken'. De omgeving wordt in de tuin toegelaten.

Ook de natuur binnen de muren is niet zoals in Japan in een keurslijf gedwongen. De Koreaanse tuin is natuurlijk en daardoor rustgevend. In de Koreaanse filosofie is de natuur al perfect. Daarom moet bij menselijk ingrijpen grote zorgvuldigheid worden betracht. Ingrijpen wordt bijna als gewelddadig gezien.Het idee achter de Koreaanse tuincultuur is de natuur natuurlijker te laten lijken dan de natuur zelf. Daar waar de Japanners de natuur vormgeven, zal de Koreaan vormgeven in de natuur.

Fusion
Met het woord fusion is de Koreaanse tuincultuur in één klap benoemd. Fusion betekent letterlijk samensmelting. In tegenstelling dus tot de eenzijdige, humanistisch-christelijke achtergrond van onze cultuur bestaat de cultuur van de Koreanen uit een mengeling van vele achtergronden; alle gelegen in een eeuwenoude geloofsgeschiedenis.
Tan'gun (de sandelhoutkoning) wordt gezien als de mythische stichter van Korea, 4.326 jaar geleden. Hij daalde af naar P'ongyang, waar hij een rijk stichtte: Chosön, het land van de ochtendkalmte. Het betreft hier een mythe met een duidelijk sjamanistisch karakter, waarin versmelting van kosmos, aarde, goden, mensen, dieren en planten plaatsvindt. Het sjamanisme kent vele goden en geesten, terug te vinden in de natuur. Bij ziekte of andere tegenspoed bezoekt menige Koreaan nog steeds een sjamaan. Ook het heilbrengende stapelen van steentjes, unju-sa, stamt uit dit natuurgeloof. Het is in Korea de gewoonte een gevonden steen langs de kant van de weg te leggen. Een volgende vinder draagt zijn of haar steentje bij. Zo ontstaan de mooiste pagodes spontaan langs de weg, maar ook bij een boeddhistisch heiligdom of bij bijvoorbeeld een waterval. Het zijn heilbrengende natuurschrijnen, waaraan iedereen meewerkt. En het allermooiste... niemand schopt ze om.

Pragmatisch
Het uit China afkomstige confucianisme is de tweede geloofsovertuiging, die zich doet gelden. Deze leer is voornamelijk gericht op het leven van de mens in deze wereld. De verhoudingen tussen mensen onderling. Zeer pragmatisch dus. De confucianist gaat ervan uit dat harmonie in de samenleving ontstaat als de heerser, de geestelijke, de vader of de zoon ook werkelijk heerser, geestelijke, vader of zoon is. Vijf kardinale deugden moeten hiertoe in acht worden genomen: etiquette, menslievendheid, gerechtigheid, loyaliteit en vergevensgezindheid. Het confucianisme is eigenlijk geen religie. Toch heeft de symboliek ervan veel invloed op de Koreaanse tuincultuur.
Ook het boeddhisme heeft grote invloed. Na de Mongoolse bezetting (1231 en 1356) van Korea won het lamaïsme aan kracht. Een lama is een boeddhistische goeroe met wereldlijke macht. Er ontstond een sterke tendens naar ingetogenheid en natuurlijkheid, zoals die voornamelijk in de architectuur tot uiting kwam. Gebouwen en tuinen moesten harmoniëren met hun omgeving. In Korea ontstond geen strijd tussen de religies. Ze bleven gewoon naast elkaar bestaan. Later werd door jezuïeten ook nog Christus geïntroduceerd. Ook deze westerse verlosser kreeg zijn plaats. De Koreaanse cultuur werd er alleen maar rijker van. De meeste Koreanen kiezen wat het geloof betreft een zeer nuchter uitgangspunt. Ze bidden gewoon tot allemaal. Helpt het ene niet, dan mag van het andere misschien meer profijt worden verwacht. Het is dan ook niet verwonderlijk, dat in boeddhistische tempels confucianistische symboliek wordt gevonden, terwijl sjamanistische goden er de wacht houden.

Fusion dus tussen vier grote wereldgeloven. Daar waarin het westen vooral de rijken de tuincultuur bepaalden, bijvoorbeeld voor het exorbitante Versailles, zette in Korea de heilige zijn spade in de grond. Onze kloosterlingen kwamen niet verder dan de kruidentuin. Die in het Verre Oosten slaagden erin ware tuinkunst te scheppen.

Chongwon
Het Koreaanse woord voor tuin, Chongwon, is een compositie van twee verschillende Chinese karakters. Chong, het eerste karakter, duidt op een binnentuin omgeven door gebouwen of muren. Chong kan worden onderverdeeld in paleistuin, officiële tuin, tempeltuin of gewone tuin al naar gelang de functie van het gebouw, waarbij de tuin hoort.

Gewone tuinen zijn verdeeld in voor- of achtertuin, binnen- of buitentuin, middentuin of bijvoorbeeld poort- of traptuin volgens de locatie van de tuin.
Won, het tweede karakter, betekent heuvel of wijd veld met bossen. Met dit karakter stijgt de tuin uit boven de tuin omringd door gebouwen of muren. De samenstelling van de twee karakters betekent aldus een kleine tuin, maar ook een parkcomplex of een natuurlijk vormgegeven park.

De Koreaanse tuinarchitectuur is een holistische architectuur. Holisme is volgens Van Dale de opvatting dat er een samenhang bestaat in de werkelijkheid, die enkel uit een beschouwing van het geheel blijkt en niet terug te vinden is in de onderdelen. Zo combineert de Koreaanse tuincultuur Chong en Won, bouwt een menselijke omgeving, die goed combineert met de wereld van de natuur met inachtneming van zowel de natuur als de menselijke waarden. Het kan worden omschreven als de kunst van het creëren van een buitenruimte met ecologische waarden, functioneel en praktisch. Het geeft meer waarde aan ecologie dan aan wetenschappelijke disciplines als techniek en architectuur.

Mythisch
De Koreaanse tuin onderscheidt zich van de formele tuin. In de laatste wordt gestreefd naar visuele schoonheid. De schoonheid van de Koreaanse tuin ontstaat uit een complexe, spirituele en mythische schoonheid, die wordt gevangen door de geest en haar vijf zintuigen: zicht, reuk, gehoor, smaak en gevoel. Dit is niet de schoonheid waar bijvoorbeeld naar wordt gestreefd in de Japanse tuin; vastgelegd door beplanting en materialen.
De Koreaanse tuin bezit een organische schoonheid, die verandert in ruimte en tijd. Zij is gegrond op de elementen en op de gebruikte materialen. Het is niet alleen uiterlijke schoonheid maar ook een manifestatie van kosmische principes als fragiliteit, geluid, tegenstellingen tussen licht en donker en droog en nat. In het verre verleden zijn er in Korea ongeveer duizend openbare tuinen gebouwd. Niet door specialisten, maar door de tuinbezitters zelf. Zij kenden de werking van de natuur via hun eigen tuinen, die dan ook meestal werden omschreven als natuurlijke tuinen. Deze tuinen fungeerden als intermediair tussen de dwangmatigheden van de natuur en de behoeften van de mens.

Westerling
Vreemd is het dat de Koreaanse tuincultuur nooit door de westerling is ontdekt. De Chinese tuin krijgt aandacht, terwijl de Japanse een ware hype is. Eigenlijk is dat met de gehele Koreaanse cultuur zo. Toch is het zo, dat de Japanse cultuur niets zonder die van Korea zou zijn geweest. De Japanners importeerden namelijk Koreaanse ideeën. Korea was eeuwenlang doorgeefluik voor allerlei oosterse beschavingen naar het land van de rijzende zon.
In de Koreaanse tuin vind je vaak pittoreske paviljoenen en vijvers met bergachtige eilandjes, die vaak zo werden vormgegeven, dat de taoïstische goden er konden wonen en dat ze het effect van een landschapsschilderij kregen. Er werden bloeiende planten gekweekt en zeldzame zangvogels kregen er hun plaats. Verder vindt men er lotusvijvers, fantasierijk gevormde rotsen, stenen bruggen, trappen, beken en sprankelende watervallen tussen ondoordringbare bosschages. Allemaal elementen van de traditionele Koreaanse tuin.
Als beplanting worden vaak bamboebosschages, oude dennen, Zelkova's, en Acers gebruikt. Verder kom je er Paulownia's, pruimenbomen, pijnbomen, platanen, orchideeën, chrysanten en de lotus tegen als de meest favoriete planten. Niet alleen vanwege hun verschijning, maar vooral door hun symboliek en gezondheid brengende gaven.

De Koreaanse tuincultuur is zeer interessant en te lang verstopt gebleven

Stone garden

                                                                

Voor het laatst bijgewerkt op 04-07-2010                               postmaster@traditioneelhapkido.nl

Copyright © 2002-2010 All rights reserved  S.T.H.N.

Alle rechten voorbehouden.